De ziekte van Lyme, een door teken overgebrachte ziekte, staat de laatste tijd steeds meer in de belangstelling. Lyme wordt veroorzaakt door de Borrelia Burgdorferi-bacterie die door een beet van de Ixodes Ricinus-teek zowel op mens als dier kan worden overgedragen.  De teek wordt besmet door het drinken van bloed bij bijvoorbeeld een besmet knaagdier en kan dit vervolgens via zijn speeksel weer overdragen.

Risico op besmetting

In Nederland is gemiddeld 20% van de teken besmet maar dit kan in risicogebieden oplopen tot 50%.  De besmette teek moet langer dan 24 uur aanwezig zijn om de ziekte over te kunnen dragen. Het onvolledig verwijderen van de teek verhoogd de kans op besmetting.
Na besmetting maakt niet iedereen de ziekte door, dit is afhankelijk van de weerstand op moment van besmetting.

Onze huisdieren lopen een groter risico op besmetting dan wij. Ze maken tijdens de wandeling in bossen, weides en struiken een grotere kans op een tekenbeet die mede door de vacht langer onopgemerkt kan blijven. Ook de ringvormige plek die na besmetting met de ziekte van Lyme ontstaat is door de vacht niet altijd even duidelijk.

Symptomen

De symptomen zijn bij de hond grotendeels hetzelfde als bij de mens. Enkele dagen tot maanden na de infectie is meestal een rode ringvormige, groter wordende, plek ter hoogte van de beet gezien. Soms zien we dan ook wat algemene symptomen als koorts, slecht eten en vermoeidheid.

Weken tot maanden (soms zelfs jaren na infectie) kunnen de volgende, vaak vage, symptomen voorkomen omdat de bacterie zich door het lichaam verspreid:

  • koorts
  • kreupelheid (hoeft niet continu aanwezig te zijn)
  • dikke gewrichten
  • nierfalen
  • aandoeningen aan het zenuwstelsel
  • aandoeningen aan het hart (zelden)

Met name de gewrichtsklachten en aandoeningen aan het zenuwstelsel kunnen chronisch worden en restverschijnselen geven.

Zo’n drie weken na de infectie zijn antilichamen in het bloed aan te tonen. Echter ook bij gezonde dieren kunnen deze worden aangetoond, omdat bij deze dieren het afweersysteem de ziekte goed bestreden heeft.  Na infectie wordt het dier niet immuun voor de ziekte, de opgebouwde afweerstoffen zijn onvoldoende om een volgende besmetting te voorkomen.

Behandeling

De ziekte is in elk stadium goed te behandelen. Wordt bij de eerste symptomen ( rode ring / zwelling van de huid) meteen antibiotica gegeven dan wordt de ziekte verder ook niet doorgemaakt.  Ontstaat er na het verwijderen van een teek een zwelling die niet binnen een aantal dagen duidelijk  minder wordt, neem dan altijd contact met uw dierenarts op. Ook in een later stadium is de kans op genezing na een antibioticakuur bijna 100%. Er is dan wel een grotere kans op restverschijnselen.

Er bestaat nog geen vaccin tegen de ziekte van Lyme.

Voorkomen

Belangrijk is om tekenbeten te voorkomen. Hoe langer de teek op de hond aanwezig is, hoe groter de kans op een besmetting. Controleer dan ook na elke wandeling de hond op teken en verwijder alle gevonden teken met een speciale tekentang. Goed verwijderen voorkomt dat de teek nog wat speeksel injecteert. Na verwijderen kan de plek ontsmet worden met jodium of alcohol. Nooit de teek verdoven, omdat deze als reactie speeksel zal injecteren. Er zijn speciale tekentangen voor dieren verkrijgbaar. Deze werken makkelijker dan de ouderwetse tekentang die vaak door alle haren moeilijk te plaatsen is.

Door middel van een tekenband of pipetjes zijn teken ook te weren. De meeste teken worden dan vóór aanhechten verlamd en vallen er binnen 24 uur dood vanaf.

Heeft uw hond vaak en veel teken, probeer dan ook bepaalde uitlaatgebieden te mijden.