Nierfalen is een van de meest voorkomende ziekten bij de senior kat (alle katten ouder dan 8 jaar). Omdat de symptomen in het begin erg vaag kunnen zijn en de achteruitgang langzaam optreedt, wordt de diagnose vaak laat of bij toeval (bijvoorbeeld door bloedonderzoek voorafgaand aan een narcose) gesteld.

Wat is nierfalen nu precies?

De nier heeft drie belangrijke functies:

  • Uitscheiden van gifstoffen via de urine, het gaat hier met name om ureum.
  • Uitscheiden of juist vasthouden van zouten en mineralen. Met name natrium, kalium en fosfaat zijn hierbij belangrijk voor functies in het lichaam.
  • Produceren van het hormoon EPO, dit zorgt ervoor dat er voldoende rode bloedcellen aangemaakt worden in het lichaam. Deze zijn nodig voor het transport van zuurstof door het lichaam.

Bij nierfalen kunnen de nefronen (de filtereenheden waar de nier uit opgebouwd is) hun functie niet of onvoldoende uitvoeren.

Er zijn twee vormen van nierfalen. Bij acuut nierfalen houden de nieren er van het ene op het andere moment mee op. Het dier is vaak erg ziek en produceert geen of nauwelijks urine. Acuut nierfalen kan veroorzaakt worden door trauma, infectie, vergiftiging of obstructie ( zoals bijvoorbeeld mogelijk bij blaasgruis verstoppingen). Door middel van spoelen aan het infuus wordt dan geprobeerd om de nieren weer aan de gang te krijgen. Lukt dit niet dan ontstaat er een situatie vergelijkbaar met chronisch nierfalen.

Bij chronisch nierfalen gaan er in de loop van de tijd steeds meer nefronen kapot of onvoldoende functioneren. Deze schade kan vaak niet meer hersteld worden en de nefronen zullen gaan verbindweefselen, waarna ze hun functie helemaal niet meer uit kunnen oefenen. De nierwaarden in het bloed zullen dan dus gaan stijgen. De nierwaarden gaan in het bloed echter pas omhoog op het moment dat al 75% van de nieren niet meer goed functioneert.

Op dit moment is het dus erg belangrijk om de overgebleven 25% van de nieren te gaan ondersteunen en zo de achteruitgang af te remmen. De al ontstane schade is ook met medicijnen niet meer te herstellen.

Wat zijn de symptomen van nierfalen:

In eerste instantie zijn de symptomen erg vaag en is er niet echt iets duidelijks aan de kat te merken. Beginnen de nierwaarden te stijgen dan zijn er een aantal symptomen die op kunnen gaan vallen:

  • De eetlust wordt vaak wat minder, de kat valt langzaam af
  • De vachtconditie wordt minder, vacht is dof en staat wat uit
  • De kat gaat duidelijk meer drinken en plassen
  • De kat kan gaan stinken uit de bek, de hoge nierwaarden geven namelijk ontstekingen van het tandvlees
  • Hoge nierwaarden zorgen voor misselijkheid waardoor de kat meer kan gaan braken.

Als een of meer van de bovenstaande symptomen opvallen bij de (senior-) kat is het goed om door middel van bloedonderzoek de functie van de nieren te controleren.

Hoe stellen we de diagnose:

De diagnose is te stellen door middel van bloedonderzoek. We kijken dan naar twee stoffen: ureum (gifstof die uitgescheiden moet worden) en creatinine (afbraakproduct van de spieren dat normaal gesproken constant uitgescheiden wordt door de nieren). De hoogte en de verhouding van deze waarden zegt iets over de nierfunctie. Ook kijken we naar het aantal rode bloedcellen, door te weinig van het hormoon EPO kan dit namelijk op den duur te laag worden.

In de urine kijken we of de nieren deze nog kunnen concentreren en of er eiwit in zit.
Bij nierschade kunnen kleine eiwitten die normaal door de filters tegen gehouden worden namelijk wel in de urine terecht komen. Ook wordt onder de microscoop gekeken naar de aanwezigheid van eventuele niercellen in de urine.

Vaak is bij het lichamelijk onderzoek ook te voelen dat de nieren kleiner of harder zijn door verbindweefseling. Door middel van echo kan de structuur van de nier bekeken worden.

De therapie bij uw kat met nierfalen:

Als de nierwaarden verhoogd zijn functioneert nog maar 25% van de nieren voldoende, dit willen we ondersteunen en er zo voor zorgen dat dit deel minder snel achteruit gaat. De achteruitgang is helaas niet geheel te stoppen. Zijn de nierwaarden erg hoog of is de kat er erg ziek van dan is het goed om aan het infuus de nieren een aantal dagen flink door te spoelen.

Naast het eventueel spoelen aan het infuus zijn er nog een aantal andere mogelijkheden om de nieren te ontlasten/ ondersteunen:

  1. Eiwitarm dieet: nierdiëten bevatten in vergelijking met een normaal voer (en zelfs vergeleken met een senioren voer) minder eiwit. Ureum, het gifstofje wat we graag omlaag willen hebben, is een afbraakproduct van eiwit. Minder eiwit betekent dan ook minder ureum. Eiwitarm voer is vaak wat minder smakelijk, belangrijk is dus wel dat de kat blijft eten. Weigert de kat het dieet dan is het beter om voldoende van zijn normale voeding te geven.

  2. Fosfaatarm voer: te veel fosfaat is belastend voor de nieren. Er wordt onvoldoende uit gescheiden waardoor het met calcium verkalkingen kan gaan geven in de nieren. Nierdieten beperken ook de hoeveelheid fosfaat in de voeding. Wordt het dieet slecht gegeten of blijft ondanks het dieet de fosfaat waarde in het bloed hoog dan kan er ook een fosfaat bindend supplement aan het voer toegevoegd worden dat er voor zorgt dat het fosfaat uit de voeding niet opgenomen wordt in het maagdarmkanaal.

  3. Medicatie: Ace-remmers zijn medicijnen die in de nieren zorgen voor een betere doorbloeding, zo wordt de functie ondersteunt en de achteruitgang van het nog functionele nierweefsel geremd.

Prognose:

De prognose is helemaal afhankelijk van de toestand van de nieren. Zien we op tijd de stijging in de nierwaarden en starten we direct met ondersteunende medicatie dan kan de kat vaak nog enkele jaren goed vooruit. Laat de kat geen duidelijke symptomen zien en zijn de nierwaarden al erg hoog dan kan de kat erg snel achter uitgaan en zich binnen een paar weken/ maanden zo beroerd voelen dat inslapen de enige optie is.

Omdat we ontstane schade in de nieren niet meer kunnen genezen, is het dus erg belangrijk om erop tijd bij te zijn. Bij de senior kat zou het dus goed zijn om elk jaar een preventief bloedonderzoek te doen, zeker als de kat voor een behandeling onder narcose moet. Zo kunnen we een eventuele stijging in de nierwaarden vroeg opmerken en tijdig met medicatie starten.